zondag 20 maart 2011

roadtrippin'

Vanmorgen werd ik wakker op mijn werk. Al om half zes, met een droge mond, een zere keel en een verstopte neus en oren. Op zondag is er bij ons niet zo veel te doen, dus ik ben vroeg naar huis gegaan.
Op zondag, met het openbaar vervoer, naar ons eiland. Woei! Dat werd me een wereldreis.
Waar het normaal in een half uur kan, ben ik nu anderhalf uur onderweg geweest. Ik moest drie keer overstappen. In mijn koortsige toestand was het zeker de moeite waard, en ik was toch altijd nog twee uur eerder thuis dan als ik gewoon tot mijn normale tijd op het werk was gebleven.

Het viel me bij het busstation op: op zondagochtend is het nergens druk.



Bepaald sfeervol was het er ook niet, dat is het zelden, maar de zon en de rust waren prettig voor mijn zere hoofd. Na een ingewikkeld gesprek met de chauffeur reden we tien minuten te laat weg. Ik vroeg hem waar ik over moest stappen, want ik ken de route niet goed. Volgens 9292 had ik minder dan een minuut om over te stappen, en nu waren we door dit gesprek al te laat. Het kwam, denk ik, door mijn verstopte oren (ik verstond de chauffeur niet) en mijn pijnlijke keel (hij verstond mij ook niet).

In het eerste dorp aangekomen zag ik een heleboel kerkgangers. De zegen van de Heer leek zwaar op hun schouders te rusten, er keek er niet één vrolijk en ze leken allemaal wat krom te lopen. Toen zag ik van de andere kant nog een andere groep aankomen. Zij keken al een stuk vriendelijker en ze zagen er ook wat fleuriger uit. Halverwege de straat kwamen ze elkaar tegen. Ik hield mijn adem in...maar het ging goed. Men ging niet voor elkaar opzij, maar ze gingen gewoon allemaal achter elkaar lopen, en toen konden ze elkaar makkelijk voorbij. Ik kon niet zien of er gegroet werd. Ik was blij dat ik niet met ze mee hoefde.

Even later kwamen we langs de Wiardi Beckman straat. Met mijn duffe hoofd dacht ik eerst nog "Wie noemt zijn kind nou Wiardi?" Van die deftige mensen die in een jolige bui bedachten dat het geestig zou zijn om hun zoon Wiardi te noemen. Weer eens wat anders dan Piet of Cornelis. Twee straten verder realiseerde ik me pas dat Wiardi Beckman één achternaam is. Even gegoogeld: de voornaam van deze Wiardi was Herman Bernhard. Da's dan wel chic. Alleen was hij bijgenaamd Stuuf. En is hij gestorven aan de vlektyfus.

Toen bedacht ik me dat we gisteren op de radio een stukje hadden gehoord over een meneer die foto's maakt van opgelapte stukken asfalt. En daar dan dingen in ziet. Of juist niet, maar er dan wel allerlei dingen bij voelt. Sommige mensen schijnen er zelfs emotioneel van te worden, van zijn foto's. Van opgelapt asfalt. Hem ook even gegoogeld en ik verwijs u naar hier . Ik moet zeggen, ik voel er niet veel bij.

Ondertussen werd mij door de chauffeur te kennen gegeven dat ik bij de komende halte moest uitstappen en dat daar de volgende bus op mij stond te wachten. Ik dacht maar vast te gaan staan dan, was ik er des te sneller uit. Helaas; de chauffeur dacht in die laatste vijfhonderd meter de tijd die hij te laat was wel in te kunnen halen. Ik kon me nog net krampachtig vasthouden aan een stang, om vervolgens mijn tas te laten vallen. Fijn ook weer. Toen ik eenmaal alles bij elkaar had geraapt waren we vijftien minuten te laat.
Gelukkig was de chauffeur van de andere bus lief. En ik schaamde me maar een klein beetje.

Nu eindelijk thuis. Even bijkomen, douchen en slapen. Met aspirientjes en thee. En een heleboel snot. Vanmiddag komt er een fijne ouwe film op televisie, wordt het toch nog gezellig.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen